A3FRAH2VA NL-FR

 0    21 flashcards    Tom.G
download mp3 print play test yourself
 
Question
Answer

zijn geld uitgeven
start learning
dépenser son argent

faire des économies v

coûter

ik heb / ben zojuist
start learning
je viens de

ik ben bezig met
start learning
je suis en train de

utile

het is om die reden dat
start learning
c’est pour ça/cela que

het zakgeld
start learning
l’argent de poche m

de spelcomputer
start learning
la console

het tijdschrift
start learning
le magazine

de mobiele telefoon
start learning
le portable

de make-up
start learning
le maquillage

de sneakers
start learning
les baskets v mv

het (bij)baantje
start learning
le petit boulot / job

Tu fais des économies?

Nee, ik geef alles uit. / Ja, ik spaar voor een scooter.
start learning
Non, je dépense tout. / Oui, je fais des économies pour acheter un scooter.

Wat heb je zojuist gekocht?
start learning
Qu’est-ce que tu viens d’acheter?

Ik heb zojuist een clutch gekocht. Dat is een handtasje.
start learning
Je viens d’acheter un clutch. C’est un petit sac à main.

Hoeveel heeft het gekost?
start learning
Ça a coûté combien?

Het heeft 75 euro gekost. Dat is duur!
start learning
Ça a coûté 75 euros. C’est cher!

Ik ken het woord niet in het Frans.
start learning
Je ne connais pas le mot en français.


You must sign in to write a comment