Lithuanian Dutch Dictionary

lietuvių kalba - Nederlands, Vlaams

nustatyti in Dutch:

1. reeks reeks


Een reeks explosies veranderde het laboratorium in een ruïne.

2. tot stand brengen tot stand brengen



3. repareren repareren


Ik kan de computer niet repareren.
Ik liet mijn broer mijn fiets repareren.
Ik wil deze klok repareren.
Mijn computer is kapot en ik moet hem laten repareren.
Ik liet mijn zoon de deur repareren.
Ik moet mijn fiets repareren.
Ik moet het repareren.
Ik heb mijn computer laten repareren.

4. bepalen bepalen


Het is nooit gemakkelijk te bepalen of hij al dan niet serieus is.