English Dutch Dictionary

English - Nederlands, Vlaams

hill in Dutch:

1. heuvel heuvel


De heuvel geeft een goed uitzicht.
De heuvel was helemaal bedekt met sneeuw.
Mijn huis staat op een heuvel.
Ze begonnen de heuvel te beklimmen.
Het gras aan de andere kant van de heuvel is altijd groener.
Van een afstand gezien, lijkt de heuvel op een olifant.
Enkele mensen dromen van een eigen huis boven op een heuvel.
Ik liep de heuvel op.