German Dutch Dictionary

Deutsch - Nederlands, Vlaams

zuletzt in Dutch:

1. laatste


Dat is mijn laatste keer!
Op het laatste moment heeft hij de vergadering afgelast.
In de laatste vergadering van onze groep hebben we gediscussiëerd over organisatieproblemen.
Jij bent wel de laatste persoon op de wereld die ik gekloond zou willen zien, je bent alleen al saai genoeg.
Hij wijdde zijn laatste levensjaren toe aan het schrijven van zijn autobiografie.
Ze aten allebei hun chocoladereep tot het laatste brokje toe op.
Echt? Ik dacht dat zij als laatste zou trouwen.
De toekomst van onze onderneming is in gevaar. De laatste jaren hebben we voortdurend verlies geleden.
Denk niet bij het laatste vel: wie na mij komt, die redt het wel.
Omdat de kabelbaan buiten bedrijf was, moesten we, voor zover dat kon, naar het dal skiën, en het laatste stukje lopen, omdat daar niet voldoende sneeuw lag.
Lees elke dag de krant, want anders bent u niet op de hoogte van het laatste nieuws.
De maat is vol! zei de waard boos terwijl hij mijn glas nog een laatste keer vol schonk.
Dit is Millers nieuwste boek, en we hopen dat het niet het laatste zal zijn.
Kijken alsof men z'n laatste oortje versnoept heeft.
De hoop sterft als laatste - maar ze sterft!