Portuguese Dutch Dictionary

português - Nederlands, Vlaams

bem sucedido in Dutch:

1. geslaagd geslaagd


Is hij geslaagd voor de proef?
Zijn ouders waren blij dat in zijn examen geslaagd was.
Ik hoop dat uw zakenreis in Frankrijk geslaagd is.
Ik ben erin geslaagd het werk vroeger af te krijgen dan ik had voorzien.
Hij is ten koste van zijn gezondheid geslaagd in het zakenleven.
Een snel huwelijk is zelden geslaagd.
Het is spijtig dat ik er niet in geslaagd ben hem voor ons te winnen.
Ondanks alle moeite is hij niet geslaagd in de proef.
Zijn poging tot ontsnappen was geslaagd.
Uiteindelijk ben ik geslaagd in de test.
Als ge mij niet geholpen hadt, was ik niet geslaagd.
Ik ben erin geslaagd de leraar mijn idee te laten verstaan.
Zonder uw hulp zou hij niet geslaagd zijn.
Dankzij zijn raad ben ik geslaagd.
U bent geslaagd voor de eindtoets van een beginnerscursus Nederlands.