Polish Dutch Dictionary

język polski - Nederlands, Vlaams

brak in Dutch:

1. een gebrek aan



Dutch word "brak"(een gebrek aan) occurs in sets:

LES 3: LEZEN 22 A, B, C, D Part 1

2. gebrek


Bij gebrek aan slaap vermindert de opmerkzaamheid.
Bij gebrek aan onweerlegbare bewijzen werd de gevangene vrijgelaten.
Het belangrijkste gebrek van genieën is dat ze niet kunnen verliezen.
Gebrek aan werk is voor sommigen een groot genot, voor anderen afzien.
Een allergevaarlijkste ziekte is gebrek aan wijsheid.
Zij beschuldigden mij van een gebrek aan vooruitziendheid.
De planten zijn gestorven bij gebrek aan water.
Niet door gebrek aan mirakels, maar door gebrek aan verwondering zal de wereld ten onder gaan.
Optimisme is gewoon een gebrek aan informatie.
Als ge over zijn werk oordeelt, denk dan ook aan zijn gebrek aan ervaring.
Smith heeft jarenlang de effecten onderzocht van slaap en gebrek aan slaap op het geheugen en het leerproces.
Aan woordenboeken heb ik geen gebrek.

3. erdoorheen zijn



Dutch word "brak"(erdoorheen zijn) occurs in sets:

LES 5 Basistekst, taalhulp, uitdrukkingen part 3

4. mislukking


Zijn poging was een mislukking.
Het experiment was een mislukking.

5. tekort


Het tekort wegwerken zal een moeilijke opdracht worden.
Een reusachtig tekort op de federale begroting vergiftigt de Amerikaanse economie al vele jaren.